Rittenoverzicht

Veiligheid

Veiligheid Toerclub Tilburg 93

Samen met andere leden van een groep fietsen is een andere ervaring dan alleen fietsen. Uiteraard is het een stuk gezelliger, maar het is ook meer oppassen geblazen.

Presentatie veiligheid
Graag brengen we veiligheid als thema extra onder de aandacht. Hiervoor hebben we een presentatie gemaakt.

Download presentatie

Handboek
TCT'93 heeft een handboek met daarin alle regels samengevat.

Download handboek

Melding incidenten
Maak je een situatie of handeling mee waar je niet gelukkig mee bent, meld dit dan door het Meldingsformulier Incidenten in te vullen en op te sturen naar toercommissie@tct93.nl. Dit kan bijvoorbeeld bij: ongevallen, valpartijen, discussies onderweg, onveilige situaties of andere handelingen die je liever niet ziet.


Remmen
Een groep als geheel reageert trager. Je kan bijvoorbeeld nooit zomaar in je remmen knijpen. De personen achter je, en zeker de personen daarachter, zullen dan op elkaar botsen en onderuit of zelfs over de kop gaan.


Manouvres
Je kan geen onverwachte manoeuvres maken, ga niet zomaar naar links of naar rechts. Er wordt vaak, vooral met tegenwind, kort op elkaar gereden. Dit betekent dat het voorwiel van de persoon achter jou zeer dicht bij jouw achterwiel zit. Met wind van schuin voor kan het voorwiel van de persoon achter jou zelfs naast je zitten; het zogenaamde waaierrijden. Wees hiervan bewust en maak dus nooit slingerbewegingen. Rij daarbij zelf eigenlijk nooit met je voorwiel naast het achterwiel van je voorganger. Hooguit slechts tijdens het waaierrijden.


Aanwijzingen
Je zal merken dat als je midden in de groep (de buik van het peloton) zit, je niet goed ziet wat er aan komt. Om deze reden worden er aanwijzingen geroepen. De personen op kop zullen aanwijzingen roepen van wat er aankomt: Paaltje! Auto tegen! Loper! Auto Links! Auto Rechts! Vanuit achteren gebeurt er hetzelfde, maar dan zullen het slechts auto's zijn die het peloton in halen (auto achter!). Herhaal deze aanwijzingen (hard) zodat het de hele groep hiervan op de hoogte is. In plaats van het roepen wordt er ook vaak naar paaltjes gewezen.


Rouleren
In een toerpeloton rijd je twee aan twee. De fietsers die voorop (op kop) rijden rouleren. Deze fietsers hebben het namelijk een stuk zwaarder dan de rest van het peloton, ze houden de rest van het peloton uit de wind. We wisselen iedere paar kilometer. De koprijders bepalen daarbij onderling wanneer ze wisselen. Wisselen doen we niet met de volledige kop, maar per rijder. We wisselen op kop van links naar rechts.De rijder rechtsvoor laat zich terugzakken naar de positie rechts op de 2e lijn. De rijder linksvoor versnelt niet, tot hij een fietslengte voor ligt en schuift naar rechtsvoor. De linkerrijder op de 2e rij schuift naar linksvoor. De rijders rechts schuiven allemaal een rij naar achteren, de rijders links allemaal een rij naar voren. De laatste rijder rechts schuift naar links. Er zijn steeds 2 koprijders. Ze rijden normaliter naast elkaar in het zelfde tempo.
Kun of wil je niet op kop rijden? Geef dat dan aan als je op de linker positie op de 2e rij fietst. Je geeft dat aan bij de rechter rijder op de 2e rij. Je schuift vervolgens rechts in. Als iemand het tempo niet aan kan dan geeft hij dit door aan de wegkapitein. De wegkapitein doet vervolgens het verzoek aan de kopmannen om het tempo iets te laten zakken.

Wegkapitein
In onze club rijden we met wegkapiteins. Wegkapiteins zijn ervaren rijders. Deze rijders zijn opgeleid voor hun rol in de groep. Wegkapiteins zijn geen politieagenten. Ook hebben ze niet meer "macht" in de groep. Ze maken deel uit van de groep en bewaken het (sociale) gedrag van de groep. Iedereen is verantwoordelijk voor de rit en persoonlijk aansprakelijk voor je gedrag. De wegkapitein begeleidt de groep en helpt om er een leuke en vooral een veilige rit van te maken. Dat staat namelijk voorop!


Groepsgrootte
Veilig rijden doen we samen. Veilig rijden gaat beter als de groep overzichtelijk is. Een grote groep is nadelig, omdat het lastig is voor andere weggebruikers (automobilisten bijvoorbeeld) om in te voegen en geeft veel meer kans op ongevallen. Een kleine groep heeft ook een nadeel. Je moet vaker kopwerk doen. Vanwege de veiligheid kiezen wij daarom voor een kleinere groep conform de regels van de NTFU. Binnen onze club splitsen we, bij voorkeur, groepen groter dan 14 man in kleinere groepen. De wegkapiteins hebben het laatste woord bij het splitsen. Uiteraard houden we er rekening mee dat je met je vrienden kunt fietsen. Een praatje maken, zonder dat daarbij de aandacht voor de veiligheid minder is, hoort namelijk ook bij fietsen. We streven naar een optimale groepsgrootte en proberen zo veel mogelijk mensen met dezelfde capaciteiten samen te laten rijden.

Fluit
Tijdens veel ritten die niet over een vaste route gaan, wordt er een fluit gebruikt door de routebegeleider:
1 keer fluiten is naar rechts (korte bocht).

2 keer fluiten is naar links (ruime bocht). 


De 10 belangrijkste gedragsregels Om het fietsen in een groep zo veilig mogelijk te doen, hebben we 10 regels opgesteld.

  1. Je bent verantwoordelijk voor de veiligheid van de groep, jouw eigen veiligheid en die van de overige verkeersdeelnemers. Het dragen van een valhelm bij de toerafdeling is verplicht! Houd de handen op of bij de remgrepen (dit verkleint de reactiesnelheid en verhoogt de veiligheid).
  2. De routebegeleider bepaalt! Volg de aanwijzingen van de routebegeleider en geef deze zo nodig door.
  3. Geef ook de andere aanwijzingen door naar achteren ("auto tegen", "paaltje" etc.) of naar voren ("auto achter" etc.), alsmede de gebaren (rechter arm naar achteren = obstakel rechts etc.).
  4. Reageer voorspelbaar (voorkom plotselinge uitwijkmanoeuvres). Voorkom onnodig remmen en roep zonodig "ho".
  5. Neem de verkeersregels in acht. Steek uitsluitend over en benut voorrang uitsluitend als er ook ruimte is voor de andere deelnemers.
  6. Rijd met hooguit 2 fietsers naast elkaar. Sluit goed aan, maar rijd niet met jouw voorwiel naast een achterwiel van een ander.
  7. Zorg voor een goed onderhouden fiets en reservemateriaal om kleine reparaties uit te voeren, zoals een lekke band vervangen.
  8. Ga bij een stop (regenjas aan, lekke band etc.) zover mogelijk rechts van de weg staan en volg de eventuele aanwijzingen van de wegkapitein op.
  9. Zorg voor voldoende roulatie op kop (bijv. elke 5 km wisselen).
  10. Samen uit is samen thuis.
  11. Last but not least: geniet!